Baarmoeder (uterus)

Een orgaan in de vorm van een kleine, omgekeerde peer, ongeveer ter grootte van een vuist, bekleed met slijmvlies, het endometrium, en voorzien van een stevige spierwand, het myometrium.

Het bestaat uit een lichaam waarin de baby zich tijdens de zwangerschap bevindt, en een hals die zich kan verwijden, zodat de baby op het juiste moment het lichaam kan verlaten.

Wanneer er geen sprake is van een zwangerschap, is de holte afgeplat, zelfs bijna afwezig, maar deze groeit en zet geleidelijk uit tijdens de zwangerschap, waardoor de ontwikkeling en bescherming van de diverse fasen, van embryo tot foetus tot baby, mogelijk wordt.